Gebruikershulpmiddelen

Site-hulpmiddelen


historie:index

Dit is een oude revisie van het document!


Historie van Kiel-Windeweer

hgzeo-1867.jpg Het dorp Kiel-Windeweer is ontstaan in de periode 1600 tot 1700 uit de dorpen “De Kiel” en “Windeweer”.

Het is het begin van de 17e eeuw als de stad Groningen het gebied tussen Kropswolde en Muntendam in zijn bezit krijgt. Door een groot tekort aan brandstof in de stad, werden er rond die tijd veel veengebieden rond de stad Groningen aangekocht, om turf te gaan winnen.

In het jaar 1612 wordt begonnen met het graven van een kanaal van het Foxholstermeer in de richting van een groot veenmeer: het Duivelsmeer, ook wel genoemd Sappemeer.

Omstreeks 1617 is het Sappemeer bereikt en wordt dan drooggelegd, waarna men verder graaft in de richting van Zuidbroek. Het graven van deze kanalen was nodig om het land ontwateren en diende daarna als waterweg om de turf af te voeren. In deze veengebieden werden houten wegen gebruikt om zich over te verplaatsen.

Pas in 1628 wordt Zuidbroek bereikt. Nog later worden in zuidoostelijke richting dwarsdiepen gegraven: het Borgercompagniesterdiep, het Kalkwijksterdiep en ook het Kieldiep, waaraan vele jaren later Kiel-Windeweer zou ontstaan.

Rond 1630 ontstaan er om het Winschoterdiep veenkoloniën, welke worden gerund door compagnieën. Dit waren vaak Friese veenboeren die bekend waren met de turfstekerij en een contract hadden afgesloten met de stad Groningen om een stuk veengrond af te mogen graven.

Zo ook in 1647, dan wordt een contract getekend door de mensen van de Kijlcompagnie (zo'n 10 man) met de stad, hiermee werd de start gegeven voor het graven van het Kieldiep.

diepgraven.jpg Uiteraard werd dit niet alleen door deze 10 man gedaan, maar trok deze veengraverij juist honderden mensen aan die op zoek waren naar werk. Men kwam hiervoor zelfs uit Duitsland vandaan.De vervening vond plaats door het graven van kanalen en wijken volgens een bepaald patroon, waarna de gestoken turf naar de stad werd vervoerd middels turfschepen om daar als brandstof te dienen. Vervolgens werd de overgebleven arme grond verrijkt met de door de turfschepen uit de stad meegenomen zogenaamde stadsdrek (afval). Hierdoor konden de mensen die zich langs de veenkanalen hadden gevestigd proberen een bestaan op te bouwen. Tevens was de stad van zijn “drek” verlost!

Periode: 1700 – 1800

Rond 1722 is de ontginning behoorlijk gevorderd, het land direct gelegen aan het Kieldiep wordt in cultuur gebracht en hier en daar komen woningen. Om een idee te geven hoeveel tijd er was gemoeid met het graven van zo'n kanaal: begonnen werd in 1647 (Hoogezand) en pas omstreeks 1760 heeft men Boven Kiel bereikt, ruim honderdentien jaar dus (tot aan de huidige Wildervanksterweg).

In 1722 is ook de eerste school gebouwd, hier was behoefte aan, omdat de bevolking flink was gegroeid. De lessen zijn er dan nog erg saai en de meesters streng en de scholen slecht. Veel kinderen gaan niet naar school omdat ze thuis moeten helpen op het land, of op broertjes en zusjes moeten passen, of omdat ze gewoon te ver van de school vandaan wonen.

In 1724/1725 wordt het oude verlaat (sluis), die net als het verlaathuis reeds enige tijd in slechte staat verkeerd, vernieuwd. In 1729 kopen de “geïnteresseerden” het verlaathuis. In 1820 erkent de stad Groningen in een overeenkomst dat: “de geïnteresseerden volkomen eigenaar zijn van diep en verlaat”. Ook nu vond weer een vernieuwing plaats van het verlaat, de kosten hiervan worden voor 2/3 gedragen door de stad, de rest door de geïnteresseerden.

Hervormde kerk 1755 Omstreeks 1750 wonen er zo’n 750 mensen langs het kanaal in zo’n 200 woningen. Rond 1755 wordt toestemming gegeven door de stad Groningen om een kerk te mogen bouwen. Deze verrijst inclusief pastorie op de plaats van de huidige “Amshoff”, alleen in een kleinere vorm. Maar al spoedig blijkt deze kerk veel te klein in dit groeiende dorp,zodat er al na een aantal jaren een verzoek wordt gedaan aan de stad om te mogen uitbreiden. Dit resulteert in 1763 dat de kerk vanaf het portaal met de helft wordt vergroot.

Omstreeks 1773 worden bomen en heggen aan de westzijde (dorpsstraat) van het Kieldiep opgeruimd (i.v.m. aanleggen van de weg worden ook vele batten gelegd over de wijken), ook worden de drie (klap)lanen aangekocht en wegen klaargemaakt en de klappen (klapbrug) gelegd. In 1798 krijgt Kiel-Windeweer een eigen verbinding met de stad , middels een trekschuit, zodat de kolonie tijdig haar producten op de markt kon brengen. De “snik” werd met paarden door scheepsjagers voortgetrokken.

schuit.jpg

historie/index.1359104001.txt.gz · Laatst gewijzigd: 2013/01/25 08:53 door douwe